Spelkoffer 'Vlieg mee!'

De beeldvorming over personen met een zichtbare handicap begint van jongs af aan. Daarom zetten we volop in op manieren om kinderen uit het kleuter- en basisonderwijs kennis te laten maken met het onderwerp. Zo hopen we dat ze als kind en later als volwassenen op een respectvolle en positieve manier naar mensen met een zichtbare handicap kijken.  Onze belangrijkste tools hiervoor zijn onze uitleenbare spelkoffers.

 

De spelkoffers werden ontworpen in samenwerkinge met de studenten orthopedagogie van de KHLimburg. Zij deden onderzoek naar de problematiek rond beeldvorming van personen met een zichtbare handicap en werkten aan een spel dat bij kleuters en bij lagere schoolkinderen van de eerste graad gebruikt kan worden om rond dit thema te werken. Scholen kunnen deze koffer bij ons uitlenen. Voor voorwaarden en info mail yvonne.dendooven@telenet.be.

 

De spelkoffer maakt het gevoelige onderwerp ‘leven met een beperking’ op een speelse manier bespreekbaar.

 

 

 

 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
Een spel voor kinderen vanaf 5 tot en met 12 jaar

 

We hebben een onderscheid gemaakt tussen de spelen voor kleuters en die voor het lagere schoolkind, omdat er een verschil is in het ontwikkelingsniveau van deze kinderen. Zo zijn de puzzel en het combinatiespel voor de kleuter ontwikkeld. Voor het lagere schoolkind maakten we een kwartetspel en het rad vol ervaringen.

 

Daarnaast hebben we voor de leerkracht drie themaboekjes gemaakt. Deze boekjes bevatten informatie over sensoriële- en motorische handicaps en gelaatsafwijkingen voor kinderen en leerkrachten. Bovendien bevatten de boekjes enkele spelen en nuttige links.

 

Doelstellingen van de spelen:

 

  • Kinderen maken kennis met zichtbare handicaps

  • Kinderen vergaren informatie over de verschillende handicaps

  • Kinderen de kans geven om te praten over handicaps

  • Kinderen de kans geven ervaringen op te doen

  • Kinderen laten nadenken over de gevoelens van anderen

  • Kinderen zich laten inleven in de gevoelens van een ander

  • Kinderen plezier laten beleven aan het spel  

 

De spelen kunnen bijvoorbeeld gespeeld worden in de lessen lichamelijke opvoeding. Tijdens deze spelen kunnen de kinderen ervaren hoe het voelt om met een handicap door het leven te gaan. Verschillende spelen kunnen ook gespeeld worden wanneer er een kind met een handicap in de klas zit.

 

Kleuters

 

De puzzels
 

Er zijn vijf verschillende puzzels ontwikkeld die uit ongeveer 30 stuks bestaan. In de verschillende puzzels komen diverse handicaps naar voor:

 

  • De baby: uit deze puzzel kan je naar keuze één of twee benen wegnemen.

  • De feestbeer: uit deze puzzel kan je naar keuze één of twee armen wegnemen.

  • De clown: uit deze puzzel kan je de mond wegnemen.

  • De krokodil: uit de puzzel kan je de ogen wegnemen.

  • De olifant: uit deze puzzel kan je de oren wegnemen.

 

Het combinatiespel 
 

Het combinatiespel is gemaakt voor kleuters van de laatste kleuterklas. Het is de bedoeling dat dit spel pas gespeeld wordt nadat de kinderen de puzzels gemaakt hebben en de opdrachten verwerkt hebben. Je kan dit spel zien als een evaluatie. De informatie die de kinderen uit de puzzels vergaard hebben, moet gebruikt worden in dit spel.

 
Lagere school

 

Dobbelsteen: dobbel je ervaring  
 

Dit spel is ontwikkeld voor kinderen van het eerste tot en met het zesde leerjaar. Het is de bedoeling dat het spel gespeeld wordt onder begeleiding van de leerkracht. Het spel bevat een dobbelsteen, die bestaat uit drie verschillende kleurvlakken.

 

Het spel bestaat uit drie verschillende soorten opdrachten: denk-opdrachten, doe-opdrachten en inleefopdrachten.
 

De drie verschillende opdrachten hebben elk een andere teken. Een leerling werpt de dobbelsteen en het kruisje wordt bijvoorbeeld geworpen. Het kind neemt dan een kaartje van de stapel met het kruisje. De opdracht op het kaartje wordt door de leerkracht voorgelezen. De opdracht die wordt voorgelezen, is bestemd voor de hele klas, iedereen doet mee. Na het uitvoeren van de opdrachten wordt er een nabespreking gedaan. Dit kan aan de hand van de gevoelsmaskers. Het kind zal zijn gevoelens makkelijker kunnen uitdrukken met concrete materialen zoals maskers.

 

Bij de inleefopdrachten zijn verschillende boekjes voorzien. In de boekjes komt het thema ‘handicap’ naar voren. Na het lezen van de boekjes worden er vragen aan de kinderen gesteld.

 

Het kwartetspel
 

Dit spel is ontwikkeld voor kinderen van het eerste en tweede leerjaar. Het kwartet telt 36 kaarten en bestaat uit 9 verschillende categorieën:

 

  • Sporten voor mensen met een motorische handicap.

  • Wat kan je niet zien als je blind bent?

  • Wat kan je niet horen als je doof bent?

  • Hulpmiddelen voor blinde mensen.

  • Gebarentaal.

  • Hoe zien blinde mensen?

  • Obstakels waarop mensen in een rolstoel stoten.

  • Houdingen ten opzicht van mensen met een handicap.

     
Het spel kan ook als memoryspel gespeeld worden.

 

 

De leerkrachten

 

De themaboekjes: inhoud
 

De themaboekjes zijn ontwikkeld voor de leerkrachten.

 

We hebben ervoor gekozen om drie boekjes te maken rond de verschillende handicaps namelijk sensoriële handicaps (doof, blind, stom), motorische handicaps en gelaatsafwijkingen.

 

In deze boekjes vindt de leerkracht informatie over de drie verschillende handicaps. Er wordt tevens vermeld waarom het belangrijk is dat je oren, ogen, ledematen, etc. hebt. De werking van de lichaamsdelen wordt kort uitgelegd op kindniveau.

 

Er worden ook tips gegeven die nuttig zijn wanneer je mensen met een handicap ontmoet. Hoe voer je een gesprek met dove mensen? Waar moet je rekening mee houden als je mensen met een motorische handicap benadert? Waarom mag je niet overbehulpzaam zijn voor mensen met een handicap?

 

Hulpmiddelen die personen met een handicap kunnen gebruiken, worden beschreven. Daarnaast worden er ook algemene weetjes vermeld en spelen beschreven die aansluiten bij de handicap.

 

Tot slot worden er internetlinks en boeken vermeld die de leerkracht kan gebruiken voor extra informatie.

 

De themaboekjes: Hoe te gebruiken?
 

In het begin van het eerste leerjaar kunnen kinderen nog niet lezen. Het is de bedoeling dat leerkrachten de info zelf vertellen aan de kinderen. Vanaf het moment dat de kinderen kunnen lezen, kan de leerkracht kopie’s maken uit het boekje.

 

De boekjes zijn op kinderniveau getekend, vormgegeven en geschreven. Dit is makkelijk voor de leerkracht want op die manier moet hij/zij de informatie niet herschrijven naar een voor het kind verstaanbaar niveau.

 

Dit alles zal in speldozen gestoken worden zodat het mooi stapelbaar is in de klas.

 

Terug naar boven
 

Waarom sensibiliseren
vanaf 5 jaar?
 
  • De kleuter kan de verschillende emoties bij anderen zien en onderscheiden. Hij herkent deze emoties ook terug bij zichzelf.
     

  • Er is sprake van een groeiend zelfbewustzijn bij de kleuter.
     

  • De start van de gewetensontwikkeling.
     

  • Het spiegelgeweten (overnemen van waarden en normen van anderen)
     

  • Scharniermoment op sociaal vlak (peuters kunnen geen onderscheid maken in uiterlijke verschillen bij anderen, op de leeftijd van 5 à 6 jaar wordt er selectief gekozen inzake vriendjes)
     

  • Kleuters leren spontaan, ze zijn nieuwsgierig om nieuwe dingen te leren.
     

  • Vanaf drie jaar ontwikkelt het denkvermogen van de kleuter razendsnel.

En verder?
 
Een hanleiding met uitleg bij elk spel.
 
Een voorleesboekje over een kindje met een handicap.